Liza Titawano
Ontwikkelingshulp, blijvend nodig of inmiddels onzin? Afdrukken E-mail
zondag, 30 januari 2011 01:10

Ook met dit kabinet is de discussie alweer een tijdje relevant. Blijf het land geld steken in de ontwikkeling van arme landen, of is dit een bodemloze put, verdwijnt geld in verkeerde zakken en doe je er dus beter aan ermee te stoppen? De kans is groot dat er flink wordt gekort op de pot voor ontwikkelingssamenwerking waardoor ngo’s noodgedwongen hun werk moeten inperken. Toch blijven derde wereldlanden bestaan en zijn veel mensen nog altijd de dupe van het systeem in eigen land.

Neem de bewoners van Salamahu, een dorpje ver weg in het oerwoud van Seram, in het midden van de Indonesische provincie Molukken. Velen vluchtten weg toen zo’n twaalf jaar geleden ook bij hen de oorlog uitbrak. Moslims en christenen gingen op verschillende plekken op de Molukken met elkaar op de vuist en deze heilige oorlog zou in vijf jaar tijd af en aan oplaaien en duizenden slachtoffers maken.

Nu zijn de inwoners van Salamahu terug op hun oude plek maar ze hebben niets om handen. Huisjes van takken en bladeren en af en toe een houten muur. Gemiddeld verdienen ze zo’n 50 tot 75 euro per maand en datzelfde bedrag beslaat ook hun vaste lasten, omgerekend zo’n 2,5 euro per dag. Als de oogts een keer mislukt dan hangen deze tuinders dus, want dat zijn het veelal.

De door de regering beschikbaar gestelde uitkeringen voor de vluchtelingen van destijds, werden acht jaar geleden aan deze mensen uitgekeerd in bouwmateriaal als zink, hout en cement. Of de inwoners van Salamahu, toen gevlucht naar Waipia, terugkonden om hun huis weer op te bouwen, daar werd niet naar gekeken. Veel mensen durfden simpelweg niet terug en omdat de mensen niets hadden verkochten ze het bouwmateriaal om te kunnen leven.

De regering was zo aardig en bouwde een ziekenpost in het dorp. Medicijnen en een dokter ontbreken tot op de dag van vandaag. ‘De overheid heeft geen zin om zo ver de jungle in te gaan om deze mensen te helpen’, zegt Herman Palang Ama van de Molukse stichting Moonsunray. Hij is hier om de mensen aan cement en zink te helpen, zodat ze zelf een degelijk huis kunnen bouwen.

Een zelfde verhaal geldt voor de brug over één van de rivieren naar het dorp toe. Een lang stuk dat op gevaarlijke hoogte te mensen van de ene kant naar de andere kant moet lijden. Slechts met hout, bijeengehouden door een ijzeren geraamte bouwde de overheid deze brug. Een systeem wat niet lang houdt, dat wisten de omwonenden ook.

Uit woede vernielden ze een deel van de brug waardoor iedere voorbijganger nu door het water moet. Inclusief die ene ambtenaar die zich nog in deze uithoek waagt. De locals hopen dat er hierdoor gauw een degelijke, duurzame brug zal komen.

Waar de regering haar volk keer op keer in de steek laat, reizen betrokken organisaties af tot diep in het woud en helpen mensen weer een bestaan op te bouwen. Ontwikkelingshulp helpt, alleen kijk uit aan wie je je geld hiervoor geeft.

Als het regent in Salamahu zijn ook de hoge
temperaturen van de Molukken niet gezond.
In de huisjes van gabba-gabba, de bladeren

van de sago-boom, is het het binnen vochtigen
vies.

 

Bent u het hier niet mee eens? Deel uw mening

Dit onderzoek wordt mede mogelijk gemaakt door het NCDO

 
Ontwikkeling leg je niet op Afdrukken E-mail
vrijdag, 14 januari 2011 08:15

Na een week op Ambon is het me meer dan duidelijk hoe moeilijk het is om hier iets te bouwen. Niet alleen voor de mensen zelf, maar ook voor mensen van buiten, zelfs voor mensen uit het ‘rijke’ westen.

Heb je geen geduld, geld, en nog meer geduld, dan wordt het al behoorlijk ingewikkeld. Maar weet je weinig van hoe het hier reilt en zeilt en kom je met een heel mooi plan, toch ben je hier niet zeker van slagen.

Tenminste, als ik de mensen om me heen mag geloven. Volgens voormalig hoogleraar A van de universiteit ter plaatse, heeft menig ontwikkelingshulpproject gefinancierd vanuit Nederland jammerlijk gefaald omdat er niet werd gekeken naar hoe het hier werkt.

Je kunt een waterput bouwen zodat moeder B niet elke dag eindeloos hoeft te lopen om zich kunnen wassen, maar als oma C moeder B elke dag vergezelt omdat ze anders haar dochter nooit meer ziet, dan verstoor je een sociaal systeem.

Dit voorbeeld is natuurlijk erg kort door de bocht, maar vaak is het wel een dergelijk iets waardoor goed bedoelde hulp niet zo uitpakt als het zou moeten. Het rijmt niet met elkaar. Een ander een systeem opleggen waarvan je zelf denkt dat het goed is, is niet altijd een goed idee.

Toch is nietalle ontwikkelingshulp hier een kansloos verhaal. Na de burgeroorlog, begonnen in 1999, is menig vluchteling hier geholpen met hulp van buitenaf. Financiële hulp die hier te plaatse werd vertaald in productieve actie in de praktijk. Huizen werden gebouwd, mensen startten een nieuw bestaan en zelfs waterputten werden geslagen.

Dit alles door de mensen zelf. Moeder B kon bij wijze van zelf bepalen waar die waterput het handigst was, zodat ze geen kilometers hoefde te lopen en ook oma C kan zien. Handig en helemaal zelf bedacht. De mensen hier zijn namelijk niet dom en kunnen het prima zelf. Alleen de middelen zijn niet altijd voor handen.

Hoe denkt u hier zelf over? Kent u soort gelijke voorbeelden of bent u van mening dat het ook anders kan? Laat het ons hieronder weten, wellicht dat we van elkaar kunnen leren.

(dit onderzoek is mede mogelijk gemaakt door het NCDO)

In het dorp Lemba Agro, een
dorp gebouwd door vluchtelingen
van Buru, weten ze prima op
welke plek een kiosk het meest
rendabel is.